Jongeren en de rechter

Zoeken binnen de index

De jurk die in de rechtszaal wordt gedragen heet een toga. Door het dragen van een toga straalt de rechtbank meer gezag uit en wordt de functie en de onafhankelijkheid van de rechtbank benadrukt. Een rechter moet rechtspreken en anders niet. De toga met de witte bef is verplicht en moet volgens de wet er op een bepaalde manier uitzien. Zo mag de bef bij de kin niet meer dan 8 centimeter breed zijn en onderaan niet meer dan zestien.

De officier van justitie geeft leiding aan het onderzoek naar de verdachte(n) van een misdrijf.
De officier zorgt samen met de politie ervoor dat een misdaad wordt opgelost en de verdachte voor de rechter wordt gebracht. In de rechtszaal noemt men de officier ook wel de aanklager omdat hij de verdachte aanklaagt. Hij legt uit aan de rechter waarom hij/zij vindt dat een verdachte straf moet krijgen en of dat gevangenisstraf, een taakstraf of een geldboete moet zijn.
De officier is onpartijdig, zijn taak is om de waarheid naar boven te halen. Hij treedt niet op als advocaat van het slachtoffer maar vertegenwoordigt ons allemaal.
Zie ook Wat is het het Openbaar Ministerie? (OM)

Als iemand wordt opgepakt voor een misdrijf zal deze zich in veel gevallen moeten verantwoorden voor de rechtbank.

Als het misdrijf niet al te ernstig is zal de verdachte zich voor de politierechter moeten verantwoorden. Een bestuurder van een voertuig die aangehouden wordt omdat hij te veel alcohol heeft gedronken zal zich voor de politierechter moeten verantwoorden. Deze rechter zal na het horen van de feiten direct een uitspraak doen.

Als een persoon verdacht wordt van een ernstig misdrijf (bijvoorbeeld inbraak of geweldpleging) zal hij/zij voor de meervoudige kamer moeten verschijnen. In de rechtszaal zijn er dan drie rechters die de rechtszitting leiden. Er zijn drie rechters omdat drie meer weten dan een en zij een beslissing moeten nemen die voor de dader zeer ingrijpend kan zijn. De rechters nemen een onafhankelijke en onpartijdige positie in. Zij luisteren naar de aanklager en de advocaat van de verdachte en stellen vragen aan de verdachte en aan getuigen. Als zij alles over de zaak weten trekken zij zich terug. Na een paar weken doen zij uitspraak.

Een advocaat vertegenwoordigt de verdachte in de rechtszaal. Op de rechtszitting neemt de advocaat het op voor de verdachte en zorgt dat de belangen van de verdachte goed worden verdedigd. Omdat de wet vaak ingewikkeld is en er ontzettend veel regeltjes zijn is het voor een verdachte van belang dat hij of zij door een deskundig iemand wordt vertegenwoordigd. Deze kan de verdachte advies geven en ingewikkelde procedures uitleggen.
Iedere verdachte heeft recht op een advocaat. Dus als de verdachte geen geld heeft om een advocaaat te betalen zal hij/zij een zogenaamde prodeo-advocaat toegewezen krijgen. Deze hoeft de verdachte niet te betalen.

Nederland is een rechtstaat, dat betekent dat niemand zonder eerlijk proces veroordeeld mag worden. De rechters die moeten oordelen over de verdachte zijn dan ook onafhankelijk en onpartijdig. Zij luisteren heel goed naar wat de advocaat van de verdachte en de Officier van Justitie te vertellen hebben. Als ieder zijn zegje heeft gedaan en al het bewijs op tafel is gekomen trekken de rechters zich terug. Na bestudering van alle processtukken besluiten zij of er genoeg bewijs is om de verdachte te veroordelen.

Iemand is dus pas schuldig als deze door de rechter wordt veroordeeld. Tot die tijd spreken we dan ook over de verdachte.

De officier van justitie heeft als taak om te zorgen dat een verdachte van een misdsrijf voor de strafrechter wordt gebracht. Hij zorgt ervoor dat alle belangrijke gegevens die met de zaak hebben worden verzameld en aan de rechter worden voorgelegd. De officier probeert altijd de waarheid boven tafel te krijgen. Soms is dat eenvoudig omdat er getuigen zijn die de verdachte het misdrijf hebben zien plegen of zijn er voldoende sporen waarmee aagetoond kan worden dat iemand het misdrijf heeft gepleegd. De rechter beoordeelt of alle informatie (bewijs) voldoende is om de verdachte een straf op te leggen.
Soms is de officier er van overtuigd dat de verdachte een misdrijf heeft gepleegd maar vindt de rechter dat het bewijs onvoldoende is om de verdachte te veroordelen. In zo'n geval zal de rechter de verdachte vrijspreken. De rechter zal de verdachte alleen veroordelen als hij er helemaal van overtuigd is dat deze schuldig is aan wat hem door de officier te laste wordt gelegd.

*In meer dan 9 van de 10 zaken is de rechter het echter eens met de conclusies van de officier van justitie.

Iedereen die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt kan een rechtszaak bijwonen. Het is iemand die een rechtszaak bijwoont niet toegestaan om zich te bemoeien met de rechtsgang. Op de publieke tribune hoor je je mond te houden. Omdat het in principe niet mogelijk is om als jongere onder de 18 jaar een rechtszaak bij te wonen is het een erg leerzaam alternatief om bijvoorbeeld met school een rondleiding door het paleis van justitie te maken om van heel dichtbij de rechtsgang in Nederland mee te maken.
Rechtszaken waar kinderen terechtstaan zijn niet openbaar; deze vinden zogezegd achter gesloten deuren plaats. Hier mag dus geen publiek bij zijn.

De officier van justitie zal in de hoogte van zijn strafeis tegen een verdachte de omstandigheden en toedracht van het misdrijf laten meewegen.
Het is natuurlijk logish dat je voor het stelen van een pak snoep een lager straf krijgt dan voor het stelen van een vrachtwagen met daarin honderd nieuwe computers. Ook de manier waarop iets gestolen wordt heeft invloed op de hoogte van de straf. De leden van een bende die zich georganiseert bezig houden met de diefstal van scooters zullen zwaarder gestraft worden dan iemand die eenmalig een fiets steelt.

De officier zal dus iedere keer bij de behandeling van een strafzaak willen weten:

wat de achtergrond van de dader is, is hij/zij al vaker met de politie in aanraking is geweest, wat is het motief van de verdachte, gaat het hem om geld, wraak of aandacht, hoe heeft hij het misdrijf gepleegd, heeft hij het alleen gedaan of samen met anderen... etc.


Bijvoorbeeld: Een gescheiden vader die zijn kind ontvoert zal waarschijnlijk anders bestraft worden dan een crimineel die tegen betaling de jongen of het meisje pas vrij wil laten.
De officier en rechter kijken dus niet alleen naar het strafbarefeit (ontvoering, moord, diefstal, oplichting etc..) maar dus ook naar omstandigheden waaronder het misdrijf is gepleegd, zoals: waarom heeft iemand het gedaan en hoe heeft iemand het gedaan.

Als de verdachte of de officier van justitie het niet eens is met de uitspraak van de rechtbank, is meestal hoger beroep mogelijk. Het hoger beroep wordt behandeld door het gerechtshof. Eenvoudige zaken worden door één raadsheer (rechter) behandeld, ingewikkelde zaken door drie raadsheren.
In hoger beroep wordt de zaak helemaal opnieuw behandeld. De rechters van het gerechtshof zullen aan het eind van de zitting opnieuw een uitspraak doen. Het gerechtshof kan in hoger beroep een andere straf opleggen dan de rechtbank in eerste instantie heeft opgelegd.

Even geduld aub.

Kruimelpad