De politie vraagt naar jouw naam, waar je woont en wanneer je geboren bent. De politie vraagt je ook wat er gebeurd is. Dit wordt opgeschreven in het proces-verbaal.
Wanneer je voor de eerste keer met de politie in aanraking komt, kan de politie je doorsturen naar Halt. Voorwaarde is wel dat het strafbare feit niet zo ernstig is.
De schade (voor bijv. vernieling) mag niet meer bedragen dan 900 euro. Heb je iets gestolen dan mag de waarde niet meer dan 150 euro zijn. (lees verder). 
foto:taakstraf
Kom je voor de 2e keer met de politie in aanraking of maak jij je schuldig aan een ernstig misdrijf, dan wordt het proces verbaal aan de officier van justitie van het Openbaar Mnisterie voorgelegd. Ook wordt de Raad voor de Kinderbescherming ingeschakeld om een rapport te schrijven over je persoonlijke situatie. In dit rapport wordt beschreven hoe de situatie thuis is, hoe je schoolprestaties zijn of je hobby's hebt en wie je vrienden zijn. De Raad praat hiervoor met je ouders en je school. De Raad voor de Kinderbescherming stuurt dit rapport naar de officier van justitie.

In de maand maart had het Klokhuis een thema week over criminaliteit. In de aflevering van 10 maart 2008 ging klokhuis op bezoeke bij de officier van justitie.
De officier van justitie beslist op basis van het proces verbaal en het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming of je verder vervolgd wordt. Hij kijkt onder andere of er genoeg bewijs is om te vervolgen. Is er te weinig bewijs, bijvoorbeeld omdat er geen getuigen of sporen zijn dan kan hij beslissen om de zaak niet in behandeling te nemen. Dit heet seponeren.
Is er wel genoeg bewijs dan kan de officier van justitie in sommige gevallen zelf een transactie aanbieden. Dat kan een taakstraf of geldboete zijn. Dit gebeurt bij jongeren op een taakstrafzitiing.
Op een taakstrafzitting is de officier van justitie, de verdachte, zijn/haar ouders en eventueel de advocaat van de verdachte aanwezig. De officier van justitie kan op de taakstrafzitting beslissen om je een taakstraf of een geldboete op te leggen. Vaak wordt als voorwaarde voor een taakstraf gesteld dat je de aangerichte schade moet vergoeden.

foto: gevangenisstraf
Als het misdrijf te ernstig is om een taakstraf op te leggen of de officier van justitie is van mening dat jij je zodanig hebt gedragen dat een taak/leerstraf geen zin heeft, dan legt hij de zaak voor aan de kinderrechter. De kinderrechter kan je in een rechtszitting veroordelen tot een geldboete, taakstraf of jeugdetentie. In dat geval zal je worden opgesloten in een jeugdinrichting. (lees verder)
Ben je ouder dan 11 jaar en jonger dan 16 jaar en je wordt aangehouden voor bijvoorbeeld het fietsen zonder licht? Dan loop je de kans dat de politie je een boete zal geven. Vanwege je leeftijd zal het boetebedrag wat voor deze overtreding is vastgesteld worden gehalveerd. De boete voor het rijden zonder voorlicht is normaal € 20. Dus wannneer je 15 jaar bent of jonger krijg je een boete van € 10.
Als je nog geen 14 jaar bent en je maakt een overtreding dan zijn je ouders verantwoordelijk voor de betaling van de boete. Ben je 14 jaar of ouder dan zul je zelf moeten betalen.
De politie mag je op verdenking van betrokkenheid bij een strafbaarfeit zes uur vastgehouden om te verhoren. In die zes uur telt de nacht niet mee. Het kan dus gebeuren dat je ook s'nachts op het bureau moet blijven.
Na zes uur kan de (hulp)officier van justitie, wanneer deze het voor het onderzoek van belang vindt, bevelen dat je langer dan zes uur moet worden vastgehouden. Je wordt dan in verzekering gesteld.
De politie kan je vervolgens na de zes uur van het politieverhoor nog maximaal 6 maal 24 uur vasthouden. Hierna moet je voorgeleid worden aan een rechter. Deze rechter wordt rechter-commissaris (RC) genoemd
Wanneer de zaak heel ernstig is kan na tussenkomst van de rechter-commissaris besloten worden om de verdachte in voorlopige hechtenis te nemen. Je verhuist dan naar een jeugdgevangenis. Totaal kun je nadat je bent opgepakt 110 dagen en 15 uur worden vastgehouden. Na deze termijn zal de rechtszaak moeten beginnen.
De kinderechter legt bij voorkeur een alternatieve straf op. Het liefst een straf waar je wat van leert. Onderzoek heeft namelijk uitgewezen dat een werkstraf of een leerstraf een beter resultaat geeft dan een gevangenisstraf.
Een tijdje onbetaald werken in een bejaardentehuis of een buurthuis zijn voorbeelden van werkstraffen. Bij een leerstraf moet je denken aan het verplicht volgen van een cursus met als doel om de jongere met zijn neus te drukken op de onwenselijkheid van zijn handelen en daardoor zijn gedrag te veranderen.
Wanneer de werkstraf of leerstraf niet wordt uitgevoerd kan de jongere alsnog achter de tralies belanden. Dit gebeurt ook als het misdrijf te ernstig is of de verdachte geen spijt heeft van zijn daden of deze na een taakstraf weer in de fout gaat.
Voor jongeren van 12 tot 16 jaar kan de kinderrechter een gevangenisstraf opleggen van maximaal 1 jaar. Voor jongeren van 16 tot 18 is dit maximaal 2 jaar.
In gevallen waar deskundigen van mening zijn dat een jongere een gevaar voor zijn omgeving is en behandeling in een inrichting gewenst is kan de rechter besluiten om een persoon 4 jaar vast te houden. Mocht blijken dat er spraken is van een ernstige psychische afwijking dan kan een behandeling door een psychiater van maximaal 6 jaar worden bevolen.
De kinderrechter kan besluiten om jongeren vanaf 16 jaar die zich schuldig hebben gemaakt aan een ernstig misdrijf, bijvoorbeeld een roofoverval met geweld volgens het volwassenenstrafrecht te berechten. Dit betekent dat de rechter de jongere een zwaardere straf op kan leggen.
Een paar voorbeelden waarbij de rechter heeft besloten om het volwassenstrafrecht toe te passen is de zaak Maja Bradaric waarbij een meisje op geweldadige wijze om het leven werd gebracht en in de zaak tegen de jongen die in 2004 de onderdirecteur van het Terra College in Den Haag doodschoot.
Wanneer een minderjarige verdachte niet goed in zijn vel zit of last heeft van psychische problemen, dan heeft het niet zoveel zin om deze in een jeugdgevangenis op te sluiten. De rechter kan dan besluiten om de jongere op te laten nemen in een inrichting voor jeugdigen. (PIJ-maatregel) De jongen of meisje kan dan voor de duur van maximaal 6 jaar worden opgenomen.
In de inrichting wordt intensief aan de problemen van de jongere gewerkt. Na 2 jaar wordt gekeken of de patient genezen is en of hij/zij terug kan keren in de maatschappij. Wanneer de behandelaars van mening zijn dat de jongere langer behandeld moet worden, kan het verblijf van de jongere met twee jaar worden verlengd.
Zie ook www.dejeugdinrichting.nl
Wanneer de rechter een gevangenisstraf van maximaal drie jaar oplegt kan hij daarvan een bepaald gedeelte als voorwaardelijke vrijheidsstraf opleggen. De veroordeelde hoeft dan dat gedeelte van de straf niet uit te zitten, tenzij hij tijdens een proeftijd weer nieuwe strafbare feiten pleegt. Het gedeelte dat voorwaardelijk wordt opgelegd, kan nooit langer zijn dan één jaar.
De voorwaardelijke straf dient als een stok achter de deur om de veroordeelde op het rechte pad te houden.
In het wetboek van strafrecht staat dat de rechter aan jongeren die de leeftijd van 16 jaar nog niet hebben bereikt maximaal 1 jaar jeugddetentie kan opleggen.
Voor jongeren van 16 en 17 jaar is de duur van de gevangenisstraf maximaal 2 jaar.
De rechter kan aan de jongen of meisje van 16 of 17 jaar die zich schuldig heeft gemaakt aan een ernstig misdrijf een zwaardere straf opleggen wanneer hij van mening is dat de jeugdige een zeer volwassen indruk maakt. Hij kan in dat geval het gewone (volwassenen) strafrecht toepassen.
De maximale straf die in Nederland opgelegd kan worden is levenslang. De veroordeelde zal in dat geval de rest van zijn leven achter de tralies moeten doorbrengen.
Zie ook www.dji4kids.nl
Voor een groot aantal overtredingen kan de officier van justitie aan de overtreder een transactievoorstel doen. Een transactievoorstel kan bestaan uit een geldboete of een taakstraf. Gaat de overtreder met dit voorstel akkoord, dan hoeft deze niet naar de rechter.
Wanneer je verdacht wordt van een misdrijf wordt hiervan een notitie gemaakt in de justitiele documentatie. Ook overtredingen waarvoor de rechter of de officier van justitie jou een vrijheidsstraf, een voorwaardelijke straf of een boete/transactie van minimaal 100 euro heeft gegeven komen hierin.
Wanneer je in aanraking bent geweest met de politie wordt dit in veel gevallen genoteerd in de justitiele documentatie. Deze gegevens helpen de politie en het Openbaar Ministerie om hun werk goed te doen.
Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)
Deze strafrechtelijke gegevens kunnen ook een rol spelen bij de Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG). Wanneer je bijvoorbeeld solliciteerd naar een functie bij de overheid of een functie waar je veel met geld om zal gaan, kan de werkgever je vragen om een VOG. Stel je bent in het verleden veroordeeld voor diefstal dan kan de werkgever je afwijzen op grond van dit verleden.
Zie de site van het juridisch loket voor meer informatie